Wie neemt straks de fysiopraktijk van de buurman over?

Steeds meer fysiopraktijkhouders denken na over overdracht. Wat betekent dat voor ondernemers die willen groeien? En hoe groot is eigenlijk de kans dat er de komende jaren praktijken beschikbaar komen?

“Steeds meer fysiopraktijkhouders denken na over overdracht. Wat betekent dat voor ondernemers die willen groeien?”

In mijn vorige artikel schreef ik waarom het interessant kan zijn om te groeien door de overname van een andere fysiopraktijk. Mijn belangrijkste advies daarbij: wacht niet totdat een praktijkhouder toevallig bij je aanklopt, maar denk zelf vooruit.

Breng je regio in kaart. Bepaal waar jij met jouw praktijk over een paar jaar wilt staan. En bedenk welke praktijken goed bij jouw organisatie zouden passen.

Maar hoe groot is eigenlijk de kans dat er de komende jaren praktijken beschikbaar komen?

Hieronder leggen we een aantal recente cijfers naast elkaar en dan ontstaat een interessant beeld.

Een branche van vooral kleine praktijken

Volgens het brancherapport Fysiotherapie in beeld 2026 van ABN AMRO telde Nederland begin 2026 ongeveer 10.405 fysiotherapiepraktijken. Daarvan zijn er 7.185 solo-vestigingen – zzp’ers of praktijken met één werkzaam persoon – en 3.220 praktijken met meerdere werkzame personen.

Ook wetenschappelijk onderzoek bevestigt dat de Nederlandse eerstelijnsfysiotherapie vooral uit kleine ondernemingen bestaat. In het proefschrift van onderzoeker Rutger IJntema wordt vermeld dat van circa 10.000 eerstelijns fysiotherapieorganisaties ongeveer 96% minder dan tien werkzame personen heeft.

De praktijk die de komende jaren beschikbaar komt voor overname hoeft dus helemaal geen grote organisatie met twintig of dertig fysiotherapeuten te zijn.

Veel vaker zal het gaan om die bekende lokale praktijk: een praktijkeigenaar met een paar collega’s, een goede naam in het dorp of de wijk, vaste verwijzers en een bestaande patiëntenstroom.

Precies het type praktijk dat voor een andere regionale praktijkhouder een interessante uitbreiding kan zijn.

En een deel van de praktijkhouders wordt ouder

Ook de leeftijdsopbouw is interessant.

ABN AMRO rapporteert dat ongeveer 15% van de fysiotherapeuten in de komende tien jaar met pensioen gaat.

Nog relevanter is de Kleinbedrijf Index Fysiotherapie. In de zesde editie van dit onderzoek valt 34% van de deelnemende praktijkeigenaren in de leeftijdscategorie 56 tot en met 67 jaar. Daarnaast is 40% van de praktijkhouders al langer dan twintig jaar actief als ondernemer. Deze steekproef geeft een mooie indicatie voor toekomstige ontwikkelingen in de fysiobranche.

Het beeld wordt nog interessanter wanneer we daar de plannen van de praktijkhouders naast leggen. Meer dan de helft sluit verkoop binnen vijf jaar niet uit. In dezelfde Kleinbedrijf Index geeft 26% van de praktijkeigenaren aan de praktijk binnen vijf jaar te willen verkopen. Nog eens 31% overweegt dit mogelijk. Slechts 43% zegt dus expliciet dat verkoop binnen die periode niet aan de orde is. En van de praktijkhouders die verkoop of overdracht overwegen, heeft slechts 16% al een concrete opvolger. Dat zijn opvallende cijfers.

Ze betekenen overigens niet dat straks 57% van alle fysiotherapiepraktijken daadwerkelijk te koop staat, want iets overwegen is natuurlijk iets anders dan daadwerkelijk verkopen maar het geeft wel een goede indicatie.

Het gaat niet alleen om pensioen

Het zou te gemakkelijk zijn om deze ontwikkeling alleen aan de vergrijzing toe te schrijven.

Uit de Kleinbedrijf Index blijkt juist dat praktijkhouders meerdere redenen hebben om richting verkoop te denken. Veelgenoemde redenen zijn het grote aantal uren dat zij moeten werken, gebrek aan energie en toenemende regelgeving.

Onderzoeker Rutger IJntema gaf bij een eerdere editie van de Kleinbedrijf Index bovendien aan dat de gedachte om te stoppen niet alleen bij oudere praktijkhouders speelt, maar in alle leeftijdsgroepen voorkomt.

Er spelen dus verschillende ontwikkelingen tegelijkertijd.

Een groep praktijkhouders nadert de pensioengerechtigde leeftijd. Andere eigenaren vragen zich af of zij de combinatie van behandelen, personeel, administratie, zorgverzekeraars, regelgeving en ondernemerschap nog jarenlang willen blijven volhouden.

En tegelijkertijd wordt het voor kleine praktijken steeds lastiger om alle onderdelen van de bedrijfsvoering zelfstandig professioneel te organiseren.

Voor de ene praktijkhouder een probleem, voor de andere een kans

Dat klinkt misschien negatief, maar voor praktijkhouders die juist wél willen groeien ontstaat daarmee een interessante situatie.

De komende jaren kunnen er vaker kleinere praktijken beschikbaar komen die voor een regionale collega heel aantrekkelijk zijn.

Niet per se omdat zo’n praktijk zelfstandig fantastisch rendeert, maar omdat zij goed kan aansluiten op een bestaande organisatie.

Misschien ligt de praktijk precies in het dorp waar jij wilt uitbreiden. Misschien heeft zij een patiëntenwachtlijst terwijl jij nog behandelcapaciteit hebt. Misschien beschikken haar medewerkers over specialisaties die jij mist. Of misschien kun je administratie, planning, huisvesting en management gezamenlijk veel efficiënter organiseren.

Dan kan inderdaad ontstaan waarover ik in mijn vorige artikel schreef: 1 + 1 = 3.

Wacht daarom niet totdat de telefoon gaat

De interessantste conclusie uit deze cijfers is wat mij betreft niet dat je nu snel iedere fysiopraktijk in de buurt moet gaan bellen met de vraag of deze te koop is.

Het betekent wel dat het verstandig is om vooruit te kijken.

Welke praktijkhouders zijn al lang actief in jouw regio? Welke locaties zouden strategisch interessant zijn? Waar worden de komende jaren nieuwe woningen gebouwd? Waar bevinden zich sportvoorzieningen, gezondheidscentra en ouderenzorg? Welke specialisaties ontbreken nog binnen jouw eigen praktijk?

En vooral: met welke collega-praktijkhouders zou je nu al eens een kop koffie kunnen drinken?

Een praktijkoverdracht begint immers lang niet altijd met een advertentie waarop staat “fysiotherapiepraktijk te koop”.

Vaak begint deze jaren eerder met een goede relatie en een gesprek over de toekomst.

En als Fysio Fransje dan belt?

Stel dat zich over twee jaar precies zo’n kans voordoet.

Fysio Fransje, een goedlopende dorpspraktijk met vier fysiotherapeuten, staat mogelijk voor overdracht. De eigenaar wil het rustiger aan gaan doen en vraagt of jij belangstelling hebt.

Dan begint de volgende vraag:

wat is zo’n praktijk eigenlijk waard?

Is goodwill simpelweg een paar keer de winst? Hoe bepaal je de duurzame winst van de praktijk? En wat als Fysio Fransje voor jou méér waard is dan voor een andere koper, omdat jij lege behandelkamers hebt, hogere tarieven ontvangt of de patiënten van Fransje gebruik kunnen maken van jouw oefenzaal?

Daarover gaat mijn volgende artikel:

Wat is een fysiopraktijk waard? Dat hangt ervan af wie er koopt.

Drs. Ralf van Roosmalen RA

Fysio-adviseur bij Fact4Fysio

Foto van Mis geen slimme tips meer

Mis geen slimme tips meer

Volg onze LinkedIn pagina. Zo blijf je altijd op de hoogte.

Ga naar LinkedIn →

Ontdek meer tips:

De overname van een fysiopraktijk is geen ABC’tje, maar wel een optelsom: 1 + 1 = 3

Tot € 25.000 SLIM-subsidie voor leren en ontwikkelen in jouw praktijk!

Vakantiedagen en all-in loon binnen de fysiotherapie, hoge raad biedt duidelijkheid!